Pech onderweg? Waar is die praatpaal?
Makkelijk toch, auto rijden. Heb je een lekke band, zet 'm langs de weg en doe er een nieuwe om. Doet ie 't spontaan helemaal niet meer? Bel de wegenwacht, of -beter nog- Route Mobiel! (ik ben altijd in voor nieuwer en beter?)
Maar op de Noordzee? Even bij een booreiland aanleggen? Of misschien een sleepje van de Stena Line?
Wat doe je als je onderweg problemen krijgt? Niet iedereen is een techneut, maar met een beetje basiskennis en de goede gereedschappen kom je vaak een heel eind.
Wat te doen bij motorpech? Da's een makkelijke! Gewoon doorzeilen ('t is toch een zeilboot?) naar de volgende haven en een monteur laten komen. Maar met problemen in de tuigage? Deze keer in vogelvlucht langs mogelijke problemen, hun oplossingen en natuurlijk hoe ze voorkomen kunnen worden.
De verstaging
Je vaart halverwege de shippinglane richting Felixtowe, de zon komt net op en schijnt langs de tuigage. Plotseling valt je oog op het bakboord onderwant: bovenin, vlak onder de terminal zijn een paar strengen losgeschoten! Wat nu? Kan dit veel kwaad, of kunnen we nog rustig doorvaren naar de overkant?
Het antwoord op die vraag is niet eenduidig. Als de wind, en vooral de golven, zich rustig houden en het slechts om één of twee strengen gaat is het risico niet zeer groot, als het weer slecht is of wordt bestaat er een grote kans dat het onderwant breekt met als gevolg dat de mast breekt (overigens geldt dit natuurlijk ook bij andere stagen).
Maar hoe los je zoiets op? Hiervoor zijn een paar mogelijkheden. Als eerste is het van belang om de druk uit de tuigage te halen, dus alle zeilen strijken. Vervolgens proberen de mast op het kritische punt extra stabiliteit te geven, bijvoorbeeld met een val of een lijn vanaf de zaling naar de voetlijst naast de mast. Dit kan voldoende zijn om naar de haven te varen en het stag te laten vervangen.
Een tweede mogelijkheid is om het stag ter plaatse te repareren. Hiervoor zijn er speciale terminals verkrijgbaar, die met twee Bahco's aan boord te monteren zijn. Vaak zijn er extra lange uitvoeringen te verkrijgen zodat het tekort aan lengte door het wegzagen van de oude terminal wordt opgevangen. Het stag moet hiervoor wel uit de mast genomen worden, dus tijdelijk stabiliseren van de mast is ook hier noodzakelijk. Voordeel van deze oplossing is dat hierbij de volledige breeksterkte van het stag weer gehaald wordt, zodat een spoedreparatie in de haven niet nodig is.
Een derde oplossing is een paardenmiddel, dat vooral met slecht weer een thuiskomer kan zijn. Met behulp van RVS U-bouten kan het stag aan de zijkant tegen de terminal aangeklemd worden. Zorg hierbij voor voldoende overlap tussen stag en terminal en voor voldoende U-bouten, minimaal 3 tot 4 stuks. De breeksterkte van het stag wordt bij lange na niet gehaald, maar de constructie is zeer waarschijnlijk sterker dan voorheen, en bovendien beter te inspecteren.
En de oorzaak? Negen van de tien keer een te oude verstaging. Stagen breken niet spontaan, dit gebeurt óf door overbelasting (een aanvaring o.i.d.), óf door ouderdom. Laat de verstaging elke 10 tot 15 jaar vervangen, ook als deze er van buiten nog goed uit ziet. Een nieuwe mast is duurder?
Rolreefsysteem
Ze zijn er om het ons zeilers makkelijker te maken, maar soms?.
Het meest voorkomende probleem bij een rolreefsysteem is dat het val bovenin meedraait met in- of uitrollen. Dit lijkt onschuldig, maar het kan je je voorstag kosten!
Als dit gebeurt, probeer dan vooral niets te forceren. Als de val zich echt strak trekt rond het voorstag wordt door die kracht het voorstag volledig vernield. Meestal is het meedraaien het gevolg van een te hoge of te lage valspanning in combinatie met een te kleine hoek tussen val en voorstag. Rol het zeil zover in dat de val niet meer rond het voorstag gedraaid is, verlaag eerst de valspanning en verhoog indien mogelijk de achterstagspanning. Trek hierna de val op normale spanning en probeer het voorzichtig nog eens. Als dit lukt, onthoudt dan de standen en zorg dat deze altijd aangehouden worden tijdens het rollen.
Lukt dit niet, stop dan met draaien en rol de genua handmatig rond het voorstag heen uit. Strijk dan het zeil op de normale manier en roep de hulp in van een tuiger.
Wat kan de oplossing zijn? Als de val geen goede hoek maakt met het voorstag wordt onder het voorstag een geleide beugel geplaatst. Pas op, een staaldraadval zal op den duur door het beugeltje heen zagen. Het kan ook zijn dat het voorlijk van de genua te kort is, de valwartel staat dan zo laag dat de val weer gemakkelijk mee gaat draaien. Een stropje tussen de top van het zeil en de valwartel biedt hier uitkomst. Natuurlijk kan de wartel zelf ook stuk zijn. Als de lagers slecht worden gaat de wartel haperen, dit wordt vaak pas merkbaar onder belasting. Vervangen van de lagers is dan een optie.
Giek
Een klapgijp, wie heeft 'm nog niet een keer gemaakt? Behalve gevaarlijk voor de bemanning is het vaak ook niet best voor de giek. Door de grote piekbelasting worden lummelbeslag en neerhouderbeslag zeer zwaar belast, zeker als de giek ook nog het water raakt. Als de giek beschadigt is het ook meestal hier.
Als toerzeiler is het vaak een veilige optie om een bulletalie te zetten, in geval van gijp komt in ieder geval de giek niet over. Maar pas op! Als de bulletalie niet op de goede plaats bevestigd is kan de giek breken. Zet de bulletalie NOOIT op het neerhouderbeslag, maar altijd zo ver mogelijk achter op de giek. Als de giek het water raakt komen er enorme krachten op het uiteinde te staan, de bulletalie moet zo goed mogelijk in die krachtenlijn worden aangeslagen.
Om met ruime wind de bulletalie makkelijk te kunnen aanslaan kan een permanente voorloop vanaf het einde van de giek worden gemaakt van een Dyna One lijntje. Hierdoor hoeft de giek niet binnengehaald te worden.
Vallen
Er zijn met vallen twee manieren om in de problemen te komen: ze schieten de mast in of ze gaan kapot.
Het eerste geval is gemakkelijk te voorkomen, hiervoor is eeuwen geleden al de achtknoop uitgevonden. Het tweede geval kan voorkomen worden door regelmatig alle vallen grondig te checken. Bijna nooit breken vallen spontaan door overbelasting, hieraan gaat bijna altijd slijtage vooraf. Bekijk ieder voorjaar (bij liggende mast) boven in alle schijven en zorg dat er geen scherpe randen of boutjes uitsteken. Haal de vallen op en neer en kijk (en voel) of er slechte plekken in zitten. Vervang slechte vallen of kort ze -indien mogelijk- in en voorkom problemen tijdens de vakantie.
Het invoeren van een val met staande mast gaat veruit het gemakkelijkst met een dunne pilootlijn met aan het uiteinde een gewicht (ik gebruik hiervoor een stukje fietsketting). Een lang en dun haakje van ijzerdraad onder in de valuitgang steken en vissen maar! Als toerzeiler met lange tochten in het vooruitzicht is het verstandig om genuaval en grootzeilval dubbel uit te voeren, zodat dit karwei niet op volle zee uitgevoerd hoeft te worden.
Zeerailing
Vaak een ondergeschoven kindje, maar oh zo belangrijk! Railingdraden hebben het zwaar te verduren. Iedere twee meter schavielen ze door een scepter, de fenders die er aan opgehangen worden willen nog wel eens blijven haken in sluis of box en vaak wordt het hele schip door de buurman via de railingdraden even afgehouden. Als dit bij de stagen zou gebeuren had u ze waarschijnlijk al lang vervangen.
Toch klikt iedereen in zwaar weer wel eens z'n lifeline vast op diezelfde railingdraad. En gaat ervan uit dat, als hij een schuiver maakt, de railing zijn volle gewicht kan opvangen. Dat hierdoor ernstige ongelukken gebeuren blijkt ieder jaar wel een keer?.
Zeilen
Zeilen gaan kapot door slijtage of overbelasting (net als alles op een schip?). De naden in een zeil zijn het meest gevoelig voor slijtage. De garens zijn over het algemeen niet UV bestendig en slijten, vooral in het achterlijk van rolzeilen, sneller dan het doek.
Een wintercheck bij de zeilmaker doet wonderen, als de stiksels tijdig gerepareerd worden blijft het doek onbeschadigd. Zelf slijtage in de gaten houden is ook niet moeilijk. Kijk, vooral in het (zwaar belaste) achterlijk en op de zeillatzakken het zeil goed na en noteer slechte stiksels, kapotte elastiekjes in de latzakken en bijvoorbeeld gebroken leechlijnjes.
Overbelasting is vaak lastiger te voorkomen, meestal is dit een gevolg van een onvrijwillige actie (aanvaring, klapgijp, etc.). Zorg in ieder geval voor een zeilreparatieset aan boord. Denk hierbij aan zelfklevend zeildoek op rol en eventueel een stuk van ongeveer 1 m2. Ook handnaalden, zeilgaren, leuvers en een rolletje webbingband mogen niet ontbreken. Vraag hierom bij de zeilmaker!
De meeste kleine reparaties zijn met deze middelen prima aan boord uit te voeren. Zorg met plakdoek dat de te plakken oppervlakte droog en schoon is, spoel een zout zeil eerst af. Voor een betere hechting van plakdoek op gelamineerde zeilen kan je een warm gestookt pannetje als "strijkbout" gebruiken. Breng het gerepareerde zeil in de volgende haven wel even langs bij de zeilmaker om de reparatie te laten controleren en verbeteren.
Mast overboord
Alles gecontroleerd, alles goed voorbereid. De hele tuigage om door een ringetje te halen. Alle splitpennen gecheckt. Toch?! Ja, dat is mogelijk, de complete mast overboord door één ongeborgde splitpen. Zolang het schip in de haven ligt blijven alle togglepennen netjes op spanning staan, maar tijdens het zeilen ontspannen de stagen aan lijzijde, soms genoeg om een ongeborgde togglepen uit de spanner te laten glijden. Niets aan de hand, tot de volgende overstag?
Of het nu door een ongeborgde splitpen gebeurt, of door de giek van een charterschip, of door een bakboord - stuurboord bij de bovenboei, het gevolg is in alle gevallen: chaos!
Wat nu?
Bij rustig weer is de situatie niet gelijk alarmerend (wonderlijk genoeg vallen er bijna nooit gewonden bij deze situaties) en kan begonnen worden met het 'redden' van tuigage. Afhankelijk van de plaats waar de mast gebroken is kunnen vaak de giek en zeilen nog hergebruikt worden, soms zelfs de vallen.
Bij zwaarder weer en vooral bij zeegang is het beschermen van het schip eerste prioriteit. Een gebroken mast of een zaling kan een lelijk gat in de romp slaan, dit voorkomen is hoofdzaak. Probeer indien mogelijk de mast aan boord te hijsen. Zo kan later de oorzaak van de schade beter achterhaald worden en vormt de tuigage geen gevaar voor andere scheepvaart. Lukt dit niet of is dit te gevaarlijk, kap dan de verstaging en zet de complete tuigage overboord. Start de motor niet voordat de tuigage uit de buurt van het schip is! Op een lijn in de schroef op dit moment zit je niet te wachten.
Veel mensen kopen op de markt een betonschaar om de verstaging te kappen. Deze scharen zijn niet geschikt voor RVS draad en hebben daar behoorlijk moeite mee. Probeer de schaar uit op een oude stag en koop in geval van twijfel een goede schaar. Natuurlijk kan je ook gewoon de splitpennen uit de togglepennen halen en de verstaging 'normaal' demonteren.
Dit is slechts een greep uit het assortiment problemen aan boord, maar ik wil het toch een beetje gezellig houden aan het begin van het seizoen. Wat voorop staat is dat goede voorbereiding en regelmatig onderhoud veel problemen kunnen voorkomen, maar niet alle. Wees voorbereid op pech onderweg en bedenk van tevoren goed hoe je kan reageren. Dit voorkomt paniek, extra schade en verpeste vakanties en geeft een stuk meer inzicht in de werking van schip en tuigage.
Een verhaal vol problemen dit keer, maar een gewaarschuwd zeiler telt voor twee!

